Menu

Er waren nachten met felle ruzie, dat hij de kamer uit beende en zij huilde in het kussen. Ze zag hoe het hem niets meer deed. Dat was nog het ergste. Vroeger smolt hij als ze huilde.

(pag 66)

Hij blijft staan op de drempel en verschuift zijn lichaam een halve meter om zichzelf niet tegen te komen in de spiegel aan de deur van de kledingkast.

(pag 69)

En dan staan ze stil, tegenover elkaar. Hij is lang, zij tenger. Een jongen en een meisje? Een man en een vrouw? Ze zoenen als een verliefd stel na een schoolfeest, en dan omhelzen ze elkaar als een echtpaar na de begrafenis van een kleinkind.

En dan, ze ziet het echt, dan dansen ze.

(pag 74)